Hoe hoger de compressieverhouding, hoe hoger in theorie het rendement kan zijn, dus hoe meer vermogen er uit de motor geperst kan worden.
Simpel gezegd maak je langer gebruik van de expansie bij een verbrandingsslag, daardoor haal je dus meer arbeid uit de brandstof.
Vroeger was een compressieverhouding van 6,5 op 1 normaal, tegenwoordig kijken we niet meer op van 12 op 1. Daarvoor worden wel hogere eisen gesteld aan de constructie, ontsteking en brandstofregeling van een motor. Om te voorkomen dat de benzine te vroeg ontbrandt kan het zijn dat je een hoger oktaangetal nodig hebt.
Sommige motoren met hoge compressie zijn voorzien van een klopsensor; dat is een sensor die te vroege verbranding signaleert en dan ingrijpt in het motormanagement om schade te voorkomen. Zo kun je toch op goedkopere brandstof rijden zonder gevaar van motorschade.
Overigens, dit gaat over benzine; bij diesels is een hogere compressieverhouding juist nodig voor een goede ontbranding, een diesel gebruikt de compressiewarmte immers voor ontsteking. Een diesel comprimeert puur lucht, geen mengsel. Diesels kennen compressieverhoudingen van zo'n 17 op 1 voor turbodiesels tot zelfs 23 op 1 voor ongeblazen voorkamerdiesels.
Kritiek is gratis advies